06/09/18
De laatste update van dit bericht was op 15 januari 2020
De monumentenaftrek is per 1 januari 2019 vervangen door een subsidieregeling. Dit is op basis van het wetsvoorstel Fiscale maatregel rijksmonumenten, dat de Eerste Kamer op 18 december 2018 heeft aangenomen. Daarnaast is de vervangende concept subsidieregeling onlangs aangepast door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Tijdens Prinsjesdag 2016 werd al een voorstel ingediend om de monumentenaftrek af te schaffen. Dat voorstel is toen op verzoek van de minister aangehouden door de Tweede Kamer, onder andere omdat nog niet voldoende duidelijk was hoe de opvolgende subsidieregeling er uit zou zien en wat dat voor monumentenbezitters zou betekenen. De afschaffing is in september 2018 opnieuw in behandeling genomen en is dus inmiddels aangenomen door de Tweede en Eerste Kamer.
Daarnaast is de subsidieregeling (voor vaststelling van beleidsregels en voor een subsidieplafond ten behoeve van instandhouding woonhuisrijksmonumenten) aangepast naar aanleiding van een aantal moties.
Uitgaven voor rijksmonumentenpanden zijn vanaf 1 januari 2019 niet meer fiscaal aftrekbaar als persoonsgebonden aftrekposten. De fiscale aftrek in de inkomstenbelasting wordt vervangen door een subsidieregeling voor de instandhouding van rijksmonumenten met een woonfunctie. De regeling staat open voor alle particuliere eigenaren van een rijksmonument met een woonfunctie. Ook wanneer u als particulier niet zelf in het rijksmonument woont, kan u aanspraak maken op de subsidieregeling.
Onder voorwaarden kan ook subsidie worden aangevraagd door aandeelhouders van een NV/BV die een landgoed in de zin van de NSW als belangrijkste of enig bezit hebben.
De subsidieregeling stelt geen maximum aan onderhoudskosten waarvoor de eigenaar subsidie kan aanvragen.
Om in aanmerking te komen voor de subsidieregeling gelden als algemene uitgangspunten dat:
Ook werkzaamheden gericht op het voorkomen van verval of het voorkomen van vervolgschade zijn subsidiabel. Denk daarbij aan schilderwerk, het herstel van voegen, het repareren of vervangen van goten en afvoeren, het vervangen van kapotte dakpannen, of het herstel van scheuren in het buitenpleisterwerk. De kosten van arbeidsuren van de eigenaar of een vrijwilliger zijn niet subsidiabel.
De subsidie bedraagt voor de jaren 2019 en 2020 38 procent van de subsidiabele kosten. Het subsidiepercentage voor de jaren erna bedraagt maximaal 38 procent, maar is afhankelijk van het subsidieplafond. Voor de subsidieverstrekking is maximaal een bedrag van 200 miljoen euro beschikbaar voor de jaren 2019 tot en met 2022.
Er zijn specifieke overgangsregelingen voor reeds lopende onderhoudsprojecten en verplichtingen aangegaan vóór 2019 en voor in 2018 uitgevoerde maar in 2019 betaalde werkzaamheden.
Een eigenaar van een rijksmonument kan zijn aanvraag digitaal indienen in de periode van 1 maart tot en met 30 april volgend op het kalenderjaar waarin de subsidiabele kosten zijn gemaakt. Dit betekent dat de aanvraagperiode voor subsidiabele kosten die in 2019 zijn gemaakt loopt van 1 maart 2020 tot en met 30 april 2020. Aanvragen die worden ingediend buiten de aanvraagperiode worden afgewezen. De aanvraag moet worden voorzien van gespecificeerde facturen. Bij aanvragen die betrekking hebben op meer dan 70.000 euro dient wel een inspectierapport bijgesloten te worden. De aanvrager ontvangt bericht binnen 13 weken na de sluiting van de aanvraagperiode.